woensdag 8 augustus 2012

Dendermonde moet op zoek naar jonge mensen !

Het was toch wel even schrikken bij het analyseren van de bevolkingsprognose voor Dendermonde van de studiedienst van de Vlaamse Regering.

De totale bevolking van onze stad groeit van   44.310 vandaag naar 45.294 in 2018, tot 45.861 in in 2024 en in 2030 tot 46.223. Geen reden tot paniek dus.
Anders wordt het wel als wij de groepen jongeren (tussen 15 en 24) en de jongvolwassenen (tussen 25 en 39 ) bekijken:


2012
2018
2024
2030
15- 19
2426
2273
2371
2432
20- 24
2501
2493
2355
2422
25-29
2660
2689
2638
2567
30-34
2787
2761
2766
2714
35-39
2733
2814
2761
2753






Oog hebben voor deze demografische trend
Binnen deze leeftijdsgroepen is op deze 18 jaar een terugloop van bijna 1,5 % te voorzien.  Deze daling moet afgezet worden tegen de algemene bevolkingsprognose die een aangroei voorziet van bijna 2.000 inwoners tussen vandaag en 2030.

Het nieuwe stadsbestuur moet voor deze negatieve evolutie oog hebben.  
Maar er is meer. De term ‘gezin’ verandert fundamenteel. Het traditionele gezin wordt vervangen door waaier van  leefvormen. Ook het aantal singles en alleenstaande ouders zal fors blijven stijgen.

Niet onvermijdelijk
Een bestuur kan zich natuurlijk niet beperken tot analyseren.  Het is juist de taak van een bestuur om via beleidsmaatregelen ontwikkelingen te sturen.

Het zal er op aankomen om onze stad aantrekkelijk te maken voor jongeren en jongvolwassenen als plaats om te wonen en te leven. Toch  even onderstrepen dat het ook voor de stadsfinanciën heel belangrijk is om  deze trend te keren. Doen wij dit niet dan wordt het aandeel niet economisch actieven zwaarder om dragen.
Samen voor morgen

Binnen sp.a- Dendermonde hebben wij bij de besprekingen over het verkiezingsprogramma en over de beleidsprioriteiten voor de komende jaren hierover grondig van gedachten gewisseld.  Wij denken antwoorden te hebben om onze stad (opnieuw) aantrekkelijk te maken voor deze doelgroepen. In het verkiezingsprogramma ‘Samen voor morgen’  krijgt dit dan ook ruim aandacht.  Kinderopvang is hier een onderdeel van (zie mijn blogbericht over kinderopvang van 5 augustus). Voor de andere ideeën moet je nog even geduld hebben.

Niet alleen het centrum
Het gaat hierbij natuurlijk niet louter over het centrum van Dendermonde. De centrale vraag is hoe maken wij onze stad en deelgemeenten aantrekkelijk opdat jonge mensen hier willen komen wonen?

De centrale ligging van Dendermonde in de driehoek Brussel – Antwerpen – Gent is een voor de hand liggende troef die wij moeten koesteren. Het kunnen gebruik maken van comfortabel en betrouwbaar openbaar vervoer naar deze centra is daarom een must.
Toch even extra aandacht voor Dendermonde centrum zelf. In het verleden zijn er binnen het centrum verschillende woonprojecten ontwikkeld.  Hierbij ging weinig aandacht naar jonge mensen en jongvolwassenen. Deze groepen zijn dan ook ondervertegenwoordigd in het centrum. 

De komende jaren dienen zich in het centrum verschillende mogelijkheden aan voor nieuwe projecten. Onderzocht moet worden hoe hier een correctie kan gebeuren naar aangenaam en betaalbare woonkansen voor jonge mensen. 

Kansen grijpen
Het betaalbaar houden van het wonen binnen een aantrekkelijke omgeving geldt natuurlijk voor heel het grondgebied. Het zal er op aankomen om enerzijds als stadsbestuur voldoende middelen te mobiliseren voor deze prioriteiten en anderzijds te bewaken dat deze prioriteiten  gerealiseerd worden in de verschillende projecten. En natuurlijk moeten deze projecten oog hebben voor het bewaren van de open ruimte en passen binnen het gemeentelijk structuurplan.

vorige blogberichten
5 augustus
Groot tekort aan kinderopvang
2 augustus
Nooit meer naar het administratief centrum dankzij digitaal loket
6 juli
Dendermonde wordt grijzer en grijzer
30 juni
Luc duwt de lijst
25 juni
Heibel over het onderwijs
22 mei
Digitaal is de nieuwe normaal, maar nog niet in Dendermonde



komende blogberichten

Een sociale stad: dat is goed voor iedereen
Act global, think local: wordt Dendermonde een klimaatneutrale stad?
Het lokaal niveau: belangrijke actor in de actieve welvaartsstaat
De prijs van ons afval





zondag 5 augustus 2012

Een groot tekort aan kinderopvang in Dendermonde

Voorschoolse kinderopvang; het is voor de meeste gezinnen met kleine kinderen (jonger dan 2,5 jaar)  een must om beroepsactief te kunnen blijven of worden. Betrokken ouders weten hoe moeilijk het is om voor het kindje een opvangplaats te bekomen.

Volgens cijfers van Kind en Gezin zijn er in Dendermonde vandaag 545 plaatsen voor 1.461 kinderen. Dat is een dekkingsgraad van 37,5 %, terwijl uit een bevraging van datzelfde Kind en Gezin een behoefte van 60 % dekking blijkt. Anders gezegd: er zijn vandaag 331 plaatsen te weinig in Dendermonde om aan de behoefte van kinderopvang te voldoen.

Morgen nog meer plaatsen te weinig!
De komende jaren zal het aantal kinderen jonger dan 2,5 jaar in Dendermonde sterk toenemen (zie onderstaande grafiek, bron: studiedienst Vlaamse Regering). En deze aangroei zal  natuurlijk ook de behoefte aan kinderopvang doen toenemen. Een voorzichtige berekening brengt ons op een tekort van circa  400 opvangplaatsen tegen 2018 (wij besparen u de berekening).

Problemen genoeg, maar wie moet wat doen?
Het realiseren van deze behoefte aan voorschoolse kinderopvang is natuurlijk niet de uitsluitende opdracht van het lokale bestuursniveau (gemeente en ocmw). In tegendeel het is in de eerste plaats een opdracht voor de Vlaamse  Gemeenschap om de voorwaarden te creëren waarin voldoende kwaliteitsvolle en betaalbare opvangcapaciteit kan worden aangeboden.  Vlaanderen lukt hier vandaag niet in. In bijna alle Vlaamse steden en gemeenten is er een tekort aan plaatsen in de kinderopvang.

Het beperkte aanbod is niet het enige probleem in deze sector.  Om maar enkele problemen aan te raken:
·         De bestaande kinderdagverblijven hebben het dikwijls moeilijk om het hoofd boven water te houden.  

·         Onthaalmoeders moeten werken in onaantrekkelijke omstandigheden en voorwaarden.

·         De verloning van de kinderverzorgsters in de kinderdagverblijven is laag en verklaart het grote verloop aan personeel.

De prijzen in de niet gesubsidieerde initiatieven zijn dan weer voor de meesten onbetaalbaar. Ook dat is op zich een groot probleem waar nu te weinig aandacht naar toe gaat !

Wat kan het stadsbestuur doen?

Toch kan ook het lokale niveau een belangrijke rol spelen, bvb door:

·         Het monitoren van de initiatieven en de behoeften en een vlotte tussenschakel zijn tussen ouders en opvanginitiatieven

·         Eigen initiatieven ontwikkelen (zoals de recente beslissing om een kinderdagverblijf in gebouwen basisschool De Schakel in Baasrode op te starten)

·         Een stimulerings- en ondersteuningsbeleid uitwerken naar initiatieven van derden

De inspanningen van het stadsbestuur moeten vanzelfsprekend gaan naar inkomens gerelateerde initiatieven omdat deze echt open staan voor ieders beurs. Daarenboven moet de ondersteuning door het stedelijk niveau gekoppeld worden aan de kwaliteitsgaranties van Kind en Gezin.

Waarom moet het stadbestuur hier actief zijn?

Sommigen stellen zich misschien de vraag of een lokaal bestuur wel initiatieven moet nemen op het vlak van kinderopvang.

In onze optiek is het kunnen beschikken over betaalbare kwaliteitsvolle opvang een basisrecht. Het laat mensen toe om zichzelf voluit te ontplooien. Hierdoor nemen de hindernissen om op de arbeidsmarkt volwaardig actief te zijn af. Dat is goed voor ieder individu, maar dat is ook goed voor de volledige samenleving omdat zo het aantal werkenden groeit.

Breder gezien kan je stellen dat het realiseren van kinderopvang een belangrijk onderdeel is van onze actieve welvaartsstaat. Het dossier kinderopvang toont concreet aan dat de gemeentelijke of stedelijke inspanningen en diensten een belangrijke component hiervan zijn.

De te verwachten terugval van het aantal 1 en 2-jarigen vanaf 2019 valt samen met de prognose van de studiedienst van de Vlaamse Regering over het dalend aantal jonge mensen in onze stad. Het voorzien van voldoende kwaliteitsvolle en betaalbare kinderopvang kan helpen om onze stad aantrekkelijk te maken voor jonge mensen. Dat is echter een onderwerp voor een volgend blogbericht.
 




vorige blogberichten
komende blogberichten
2 augustus
Nooit meer naar het administratief centrum dankzij het digitaal loket
Dendermonde moet op zoek naar jonge mensen
6 juli
Dendermonde wordt grijzer en grijzer
Act global, think local: wordt Dendermonde een klimaatneutrale stad?
30 juni
Luc duwt de lijst
Het lokaal niveau: belangrijke actor in de actieve welvaartsstaat
25 juni
Heibel over het onderwijs
De prijs van ons afval
22 mei
Digitaal is de nieuwe normaal, maar nog niet in Dendermonde



donderdag 2 augustus 2012

Nooit meer naar het administratief centrum dankzij het digitaal loket

Mensen die staan aan te schuiven om een document te bekomen: het is een gekend beeld in het administratief centrum. Het is vaak een bron van frustratie. Voor wie werkt of studeert komt daar nog bovenop dat men zich moet schikken naar de openingsuren van de dienst.

Het alternatief is bewoners de kans geven om  de documenten zelf thuis uit te printen, ook als er een officiële stempel vereist is. Daar moet het nieuwe stadsbestuur werk van maken.

Neen dit is geen utopie: de wetgeving laat dit toe. De stad Mechelen doet dit  trouwens nu al. Als inwoner van Mechelen kan je vandaag met je documenten met digitale stempel zelf uitprinten en moet je dus niet naar de stedelijke administratie. Wat je nodig hebt is je identiteitskaart, een digitale kaartlezer en internet.

Dendermonde hinkt vandaag achterop inzake e-government en gebruik nieuwe media (lees mijn blog van mei). Het nieuwe stadsbestuur moet de ambitie hebben om deze achterstand weg te werken. Het realiseren van een echt digitaal loket moet hier een belangrijke hoeksteen in vormen. De voordelen voor de inwoners zijn heel duidelijk.  Maar ook voor de stadsdiensten zelf betekent dit een besparing in tijd, geld en werklast. Het stadsbestuur bewijst  hiermee als openbare dienst haar klantvriendelijkheid aan de inwoners.

Er natuurlijk zijn er ook  afgeleide voordelen op het vlak van mobiliteit en leefmilieu.

En wat kost dit allemaal?

Er is mij geen prijsberekening voor de Rosbeiaardstad bekend.  In Mechelen bedroegen de startkosten 10.000 euro in 2009 en worden er jaarlijks 39.000 euro voorzien voor het digitaal ondertekenen (bron: Nieuwsblad 10 december 2009).

Volgens de persberichten levert Mechelen (63.000 inwoners)  jaarlijks circa 100.000 documenten af aan haar inwoners.  Voor Dendermonde 46.000 inwoners) mogen wij dus zeker veronderstellen dat het over meer dan 50.000 documenten op jaarbasis gaat.

En voor wie thuis geen internet heeft?

Alhoewel de groep mensen die thuis geen internet heeft steeds kleiner wordt, is het heel belangrijk om aan deze groep bijzondere aandacht te besteden. Het gaat vaak over ouderen en mensen die in achterstandsituaties leven.

Natuurlijk kan iedereen zich nog altijd tot het loket wenden, zoals dat vandaag het geval is. Toch is dit niet voldoende. Het zijn vaak juist deze mensen die mobiliteitsproblemen ervaren.  Het stadsbestuur moet dan ook zoeken naar oplossingen op maat. Voorzieningen om het digitaal loket -  indien gewenst met ondersteuning - te gebruiken zouden kunnen uitgebouwd worden in bibliotheken, buurthuizen, serviceflats,…  Maar waarom zou het bestuur bvb ook  niet met de lokale kruidenier een convenant hierover kunnen afsluiten waarbij deze tegen een billijke vergoeding deze dienst verleent?

Geen window dressing

Het aanbieden van enkele formulieren via een digitaal loket mag geen losstaand initiatief zijn of een losse flodder worden.  Achterliggend moet voor alle formulieren onderzocht worden hoe zij digitaal kunnen aangeboden worden. Een ideaal moment ook om de formulieren te vernieuwen.    Voor heel wat gegevens (bvb geboorteakte) zal een digitaliseringsproject dienen uitgewerkt te worden. Een algemene fasering voor de verschillende onderdelen zal moeten opgesteld worden in een uitdagend maar haalbaar stappenplan.

 Het stappenplan digitaal loket moet ingekapseld worden in een beleidsvisie op langere termijn over  e-government en gebruik van sociale media.  Pas dan zal Dendermonde ook op dit vlak morgen de middelmaat overstijgen.

Dendermonde, 2 augustus 2012
Reageren? Ik kijk uit naar je reactie.
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe blogberichten? Laat het weten.

vrijdag 6 juli 2012

Dendermonde wordt grijzer en grijzer

vergrijzing binnen de vergrijzing


Ik herinner mij nog hoe pakweg 50 jaar geleden bij een overlijden van iemand van 70 jaar gezegd werd 'hij heeft toch 5 jaar van zijn pensioen kunnen profiteren'. Vandaag is 70 niet echt oud meer. Binnen de vergrijzing treedt er zelf een vergrijzing op. Met vergrijzing binnen de vergrijzing duidt men het groter aantal 80 plussers aan.

Wij worden dus met zijn allen ouder en dat is op zich een heel positief punt.

de vergrijzing van Dendermonde in cijfers




2012 2018 2024 2030
80+  2.446 2.755 2.837 3.375
90+ 362 549 650 740


Het aantal 80 plussers in Dendermonde zal stijgen van 2.446 nu tot 2.775 in 2018 en tot 3.375 in 2030. Het aantal Dendermondenaars ouder dan 90 bedraagt vandaag 362 en zal tegen 2030 opgelopen zijn tot 740. Dat blijkt uit cijfers van de studiedienst van de Vlaamse Regering.
Ik heb mij de voorbije jaren persoonlijk erg verdiept in de problematiek van de ouderenzorg.  De cijfers over de vergrijzing binnen de vergrijzing stellen het stadsbestuur voor nieuwe uitdagingen en vereisen een doordacht lokaal beleid. Dat wil zeggen: zorgen dat de behoeften maximaal gedekt zijn, maar ook dat deze betaalbaar blijven, voor de mensen en voor het bestuur.

zorg voor ouderen is een kerntaak van de gemeente

Meer aandacht voor ouderenzorg moet mensen maximaal kans geven op welzijn en een zo groot mogelijke mate van zelfstandigheid. Het is een taak van het bestuur om hierin ondersteuning te geven, rekening houdend met de wensen en behoeften van elk individu en elk gezin.

OCMW-voorzitter Theo Janssens heeft er voor gezorgd dat deze visie vertaald werd in het zorgstrategisch plan.  De cijfers over  demografische evolutie maken duidelijk dat ook het lokale bestuur de inspanningen inzake ouderzorg nog zal moeten verhogen, zeker als men meer mensen dankzij  ondersteuning de kans wil geven om langer  thuis te blijven wonen.
De voorbije jaren heeft Dendermonde fors geînvesteerd in bijkomende woningen voor oudere mensen. Ook de komende jaren is een stijging van aangepaste woonvormen voor ouderen een must. De Vlaamse Regering beseft dit zelf ook en lanceerde daarom met de aanleunflats een tussenvorm tussen serviceflats en de woonzorgcentra. Dendermonde zal moeten onderzoeken hoe zij dit nieuw initiatief in haar zorgbeleid voor ouderen inpast.

 meer publieke rvt-bedden nodig in onze stad
De spectaculaire stijging van inwoners boven de 80 en 90 jaar zal de behoefte aan RVT-bedden de komende jaren ook fors doen toenemen.  Bijkomende bedden voor mensen met veel behoeften zullen moeten geprogrammeerd worden, ook door OCMW en stadsbestuur. Uiteindelijk blijft het de Vlaamse Regering die de nodige investeringmiddelen zal moeten vrij maken.

De voorbije jaren zie je in Dendermonde en in heel Vlaanderen dat privé- organisaties  (zowel via vzw als zuiver commerciële initiatieven) steeds meer bedden in de zorginstellingen (rusthuizen) hebben opgericht. Dit fenomeen doet zich ook in Dendermonde voor. Zo ligt er bijvoorbeeld  ook n een planningsdossier voor 22 nieuwe bedden van een vzw op tafel.
De bedden in zorginstellingen moeten voorbehouden  worden  voor ouderen met een zwaar zorgprofiel. Door de hoger beschreven demografische evolutie lijk een toename van het aantal bedden voor deze groep ouderen onvermijdelijk. Een doorschuiven van deze taken naar ‘privé-initiatieven’ dreigt voor heel wat mensen deze noodzakelijke zorg onbetaalbaar te maken.  De openbare sector moet betaalbare kwaliteitsvolle ouderzorg garanderen, ook in de zorginstellingen.

 niet tegen een zorgcentrum in Baasrode
Wij hebben de voorbije weken het beleid ouderenzorg grondig besproken binnen onze lokale partijafdeling Daarbij kwam natuurlijk ook de problematiek van het rusthuis (zorginstelling in Baasrode) naar voor. Een zorginstelling waarin de kwaliteit vandaag onvoldoende is en waarvoor een erkenning is bekomen tot 2018.

Wij wensen dat het nieuwe stadsbestuur heel vlug opdracht geeft om een grondige studie te maken over de woonbehoeften voor ouderen, met de focus op 2030. Op basis van dit onderzoek kan het bestuur dan doordachte beslissingen nemen. In onze ogen is dit een vorm van goed bestuur. 
Zo concretiseren wij ook het politiek akkoord van april 2011 tussen CD&V, NVA en Sp.a. Maar uiteindelijk zal de Vlaamse Minister van Welzijn zijn goedkeuring moeten geven en de investeringsgelden ter beschikking moeten stellen.
Beslissingen die ook op termijn een stedelijk ouderzorgbeleid betaalbaar houden. De keuze voor een eventueel nieuw rusthuis in Baasrode zal hiervan een onderdeel zijn en zal gebeuren op basis van een een uitgbreid rapport over de behoeften. Voor sp.a moet de openbare sector een belangrijke rol blijven spelen. Van een uitverkoop van openbare rusthuizen kan geen sprake zijn !
Laat het ook duidelijk zijn dat de woonbehoeften voor ouderen slecht één aspect zijn van het ouderenzorgbeleid.

Meer aandacht voor ouderzorg wordt voor socialisten dan ook een van de belangrijke thema’s in en na de verkiezingen. Een prioriteit die zich ook moet vertalen in het beleid van het nieuwe stadsbestuur en OCMW-raad.

Reageren kan op deze blog op per mail op luc.vangasse@gmail.com

zaterdag 30 juni 2012

Luc duwt de lijst

Als voorzitter van sp.a-Dendermonde ben ik echt fier dat wij in Dendermonde met een heel diverse ploeg de verkiezingen tegemoet gaan.  Je vindt de volledige samenstelling onderaan dit bericht.

Persoonlijk ben ik ook heel blij dat de afdeling mij toelaat om de lijst te duwen. Een hele eer is dat. Met mijn 57 jaar (en op 't moment van de verkiezingen 58) voel ik mij allesbehalve 'oud'. Maar met mijn ervaring als gemeenteraadslid en schepen en de voorbije 11 jaar als algemeen directeur van scholengroep Rivierenland pas ik natuurlijk wel in een profiel van lijstduwer.

Daarom ook 'Luc is terug'.  En laat er geen twijfel over bestaan: het engagement en de vernieuwingsdrang zijn bij mij nog even groot dan pakweg 30 jaar geleden.

De uitdaging voor het nieuwe gemeentebestuur is de komende 30 jaar voor onze stad en haar inwoners voor te bereiden.

Daarom is onze slogan: 'samen voor morgen' niet zo maar een slogan.

1 Bart Van Malderen 19 Tom Bogman
2 Carine Verhelst 20 Wendy Bosman
3 Niels Tas 21 Jan Tas
4 René Van Marcke 22 Sarah Van Marcke
5 Dina Verhavert 23 Ferdy De Wolf
6 Willem Van Beveren 24 Kim Jacobs
7 Gino Bertin 25 Lesley De Sitter
8 Tessa Van Buggenhout 26 Paul Mertens
9 Sandra Van Heffen 27 Dominique Joos
10 Stephanie  De  Maertelaere 28 Ingrid De Graef
11 Majid Saih 29 Niels De Mayer
12 Jolien De Koker 30 Jeannine Heirman
13 Renzy Saerens 31 Wim Boerewaert
14 Shana Quintelier 32 Nicole Mannekens
15 Jern Vermeiren 33 Geert Moortgat
16 Griet Wauters 34 Ingrid Van Varenbergh
17 Ali Cakin 35 Luc Van Gasse
18 Fanny Biesemans

 

maandag 25 juni 2012

heibel over het onderwijs

Met de grote vakantie in het vooruitzicht, stak dit weekend een echte storm op rond de hervormingsplannen secundair onderwijs.

 De grote kritiek die je hoorde, was dat de hervorming van het secundair onderwijs schadelijk zou zijn voor de talentontwikkeling van de 'betere' leerlingen De talenten van onze toekomstige elite zou ondermijnd worden door de hervormingsplannen.

Ik vind de insteek totaal fout !

 Feit is dat er vandaag veel talent verloren gaat en dat door een foute studiekeuze leerlingen in hun secundair een schooljaar moeten overdoen.

Hoe kan een leerling die vandaag in het prestigies college de eerste graad volgt voor zichzelf uitmaken of hij/zij talenten heeft in een technisch-wetenschappelijke richting? Met welke kennis over die studiegebieden kunnen de leerkrachten in dat soort scholen advies geven en oriënteren?

Hetzelfde probleem stelt zich overigens ook in scholen waar enkel bvb een aanbod van harde richtingen tso en bso bestaat en waar de eerste graad ingekapseld zit in een zesjarige structuur.

Ook daar hebben de leerkrachten niet de kans om de talenten van de leerlingen volledig te ontdekken en hun studiekeuze te richten in de voor de leerling best mogelijke richting. Laat staan dat de school en de leerkrachten in de eerste twee jaar van het secundair onderwijs de kans zouden hebben om de talenten van de leerlingen op die vlakken te ontwikkelen.

Een eerste brede graad biedt in elk geval veel meer waarborgen op dit vlak. Een brede eerste graad en de uitstel van de studiekeuze verkleint het risico of foute studiekeuze door leerling en ouders. Het maken van foute studiekeuzen is vaak oorzaak van zittenblijven.

Voor leerlingen die in het basisonderwijs grote achterstand hebben opgelopen en die er niet in geslaagd zijn om de eindtermen (minimumdoelstellingen) van het basisonderwijs te bereiken, kan een eigen leertraject in kleinere groepen, met een aangepast programma wel nuttig zijn. Zeker ook voor het zelfbeeld van deze jongens en meisjes.

Heterogene groepen hoeven de ontwikkeling van leerlingen en de ontplooiing van hun talenten niet af te remmen. Een andere klasaanpak waarbij de leerkracht veel meer coach wordt dan instructeur? Die andere klasaanpak zet naast instructie sterk in op contractwerk, onderzoeksopdrachten, samenwerking,... Naar mijn aanvoelen gebeurt dit nog veel te weinig in onze scholen en staan de schoolteams in het basisonderwijs hier al veel verder.

En als ons onderwijs vandaag zo hoog scoort, dan is dat in de eerste plaats te danken aan de leerkrachten die elke dag voor de klas staan. Zij maken (de) school. Dat wil echter niet zeggen dat ook de leerkrachten niet mee moeten evolueren. Differentiatie (en dus meer individualiseren) en uitdagende en realistische doelstellingen voor iedere leerling (op maat van die leerling): daar ligt de toekomst van kwaliteitsonderwijs. Een hervorming zonder dat de leerkrachten hierop voorbereid zijn, is gedoemd om te mislukken, zoals een onderwijs dat zichzelf niet in vraag durft te stellen gedoemd is om achteruit te boeren....